Het onderstaande artikel is in Januari 2008 in het FD gepubliceerd in de rubriek van Hubrecht Duijker

Chianti Classico

om weg te leggen

Het wijngoed Villa Trasqua wordt wel ‘de paraplu van Chianti Classico’ genoemd. Want wanneer het in en achter de omringende heuvels regent of zelfs onweert, blijft het daar dikwijls droog. Voorts waait het er vaak, waardoor de temperatuur zelden hoge waarden bereikt, zelfs al schijnt de zon volop. De wind houdt bovendien de druivenstokken gezond. Voeg aan deze omstandigheden nog toe een glooiend terrein met diverse soorten doorgaans arme grond (stenig, zanderig met wat klei, kalk, leem, ijzerhoudend) en het wordt duidelijk dat op dit domein de natuurlijke voorwaarden optimaal aanwezig zijn voor het produceren van hoogwaardige wijn. Je moet ze echter wel benutten – en dat gebeurt pas sinds een jaar of zes.

Eind 2001 raakte Villa Trasqua, genoemd naar een hoekig, groot woonhuis met een raamrijk torentje en een enorm terras, in handen van de ondernemer Hans Hulsbergen. Deze in Zwitserland woonachtige Twentenaar vergaarde zijn kapitaal met onder andere IT-patenten en het beursgenoteerde Swisslog, en was al actief met wijn, in Zwitserland, Australië en Nederland. Gesitueerd in het uiterste zuidwesten van Chianti Classico – het oudste, beste deel van de uitgestrekte Chianti-regio – bestrijkt Villa Trasqua maar liefst 120 hectare, waarvan ongeveer een derde met druiven is bedekt. De wettelijk voorgeschreven sangiovese domineert absoluut, zij het dat daarvan wel verschillende klonen aanwezig zijn. Deze werden speciaal geselecteerd voor de diverse soorten grond. De andere druivenrassen, samen goed voor een vijfde van het totaal, zijn cabernet sauvignon, cabernet franc (vanaf 2007 productief), merlot en wat alicante bouschet. In de sinds 2002 geplante percelen staan de stokken veel dichter op elkaar dan in de oudere delen van de wijngaard. Dit resulteert in een beduidend lagere opbrengst – vierduizend flessen per hectare in plaats van vijfduizend - maar de wijn wint flink aan concentratie en aroma.

Behalve in de wijngaard werd ook in de kelder veel geïnvesteerd. Er kwam een computergestuurde pers, alsmede een batterij roestvrijstalen gistingstanks. En in de ondergrondse, geklimatiseerde kelder verving men oude foeders door zowel grote Sloveense rijpingsfusten als kleine vaten. Bovendien engageerde Hans Hulsbergen een zeer talentvolle, reeds in Toscane werkzame Zwitserse wijnmaker, Andreas Stössel.

Als we eerst in de villa en later onder een eeuwenoude eik temidden van de druivenstokken de beschikbare wijnen van Villa Trasqua proeven, is de progressie duidelijk. Hoe recenter de oogst, des te beter de kwaliteit. De nog niet gebottelde, maar wel reeds ‘en primeur’ geoffreerde 2006 biedt dan ook het hoogste niveau – en is waarschijnlijk de beste jaargang die Villa Trasqua ooit heeft voortgebracht. De reguliere Chianti Classico bezit een intense, donkerrode tint en een vlezige, geconcentreerde, lang nahangende smaak met elementen van bessen, zwarte vruchten, laurier en kruidig hout. Zijn maker, Andreas Stössel, schat dat deze wijn vanaf 2010 op dronk komt (€11,95 bij voorintekening, dozijn €117,50). Nog wat fruitiger en voller smaakt de Villa Trasqua Riserva 2006; deze vraagt nu nog minstens vier jaar geduld (€15,25, dozijn €160). Wanneer ik Andreas complimenteer, stelt hij: ‘Ik fungeer alleen als een slijper van edelstenen. De stenen zelf moeten van hoge kwaliteit zijn om tot iets moois te komen, in dit geval dus de druiven.’ Tegenwoordig wordt op Villa Trasqua aan die voorwaarde volstrekt voldaan.

www.hubrechtduijker.com